1 Dat ik met redenen omkleed besta
komt door herhaling van bevestiging.
Ik prent mij mijn bestaan in.
Ik denk het leven nieuw.
2 Mijn daden schreeuwen om de waarden
uit (on) zinnigheden achteraf.
Ik zegen ze, bekrachtig ze,
veracht ze fel,
en hou van ze.
3 Ik kan niet zonder ze.
4 Zo keert alles in mij terug.
Als geweerde geesten in een spookhuis.
5 Mij bezwerend in bevestiging
van zeker weten
wie ik ben geweest en wat ik
daarom zijn zal.
6 Een met redenen omklede herhaling
van semi-permeabel plasma
zonder uitzondering
van naam en wederkeer.