1 Een oude echo beukt van binnen
tegen mijn gebarsten huid.
Tegen mijn geworpen botten.
Achter weggedroomde slapen.
2 Iets met primitieve zinnen
wil ontsnappen. Wil eruit.
Wil wild en ongetemd ravotten.
Wil vrouwtjes onder bomen kapen.
3 Mijn homo sapiens blijkt gevlogen.
Mijn mond valt kwijlend verder open.
Ik gebruik mijn borst als trom,
en slinger door de binnenstad.
4 Mijn vrouw keek mij diep in de ogen.
Meteen is zij een kooi gaan kopen.
Daar zit ik in. Behaard en dom.
Heeft Darwin toch gelijk gehad.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten