1 Vannacht had ik een vreemde droom.
Ik keek naar Jezus aan het kruis.
De discipelen zongen allen Ohm.
Toen werd het stil. Ikzelf incluis.
2 Zwijgend hing Hij daar. Genageld.
Zonder vloeken. Zonder klacht.
Azijn droop op de zijden nacht.
Soldaten stonden er. Genageld
3 aan de grond. Zo leek Hij niet alleen.
Het maanlicht kierde. Als een zaallicht.
Ik woelde in mijn slaap. Verdween.
De Dood verscheen met mijn gezicht.
4 Hij keek naar mij. Zuchtte en stierf.
Het duurde slechts een ogenblik.
Het inzicht dat mijn droom verwierf
was dit: Het Leven en de Dood ben ik.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten