vrijdag 7 september 2007

Openklaringen 14, 1


1 Het regent nu al weken spijkers.
Geen levend wezen heeft verweer.
De weke mens wankelt getroffen.
Een ieder zijgt ter aarde neer.
In wanhoop baden wij den Hemel.
Deze kruisdood sneed ons allen zeer.
Doch de Wrake zelf bleek gebroken.
Ook Zijn Wil wist van niets dit keer.
Verscheurd liet Hij ons allen weten;
'Nooit meer komt er een messias neer.
Verlossing is zojuist gevonden.
Dood in de badkuip van de Heer.
In diepe pijn sneed zij zichzelve.
Haar bloed stort neer als spijkerweer.
Verwaarlozing heeft Haar gedreven.
Haar dood nagelt U allen neer.'
Verbijsterd smakten wij ter aarde.
Plots was er geen Genade meer.
Enkel de Duivel bood nog uitkomst.
Niets stond Hem in de weg dit keer.
Echt lang waren wij niet wankelmoedig.
Wij vereerden Hem zonder ommekeer.
Van vrije wil was hier geen sprake.
Wij moesten wel.

Het was noodweer.

Geen opmerkingen: