1 In mijn netvlies
Hurkt een visser
Aan de oever
Van zijn eigen taal.
2 Ongenaakbaar
Trekt zijn wil
Kromme lijnen
Door het water.
3 Zonlicht scheert de woorden kaal.
4 Op de rivier
Draaien waterdragers
Onder de brug
Van hun gelijkenis
Door.
5 Zij zoeken een zin
Die niemand ooit had
Die niemand verloor.
6 De visser rijkt
subliminaal
naar een
Archaisch gebleekte taal
7 Zijn werk lijkt niet op wassend water
Dat van omhoog naar laag verschiet
Knoop zijn netten in uw oren
Zijn woorden zijn het water niet.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten